Zoekresultaten

Zoekresultaat:
127 artikelen
x
Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Verifieerbare vorderingen, de stand van zaken na Credit Suisse/Jongepier q.q.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden faillissement, verifieerbare vorderingen, wederkerige overeenkomsten, fixatiebeginsel, schadevergoedingsvordering
Auteurs Mr. D.D. Nijkamp en Mr. M.C.J. Jonckers
  • Samenvatting

      Naar aanleiding van Credit Suisse/Jongepier q.q. wordt besproken (1) in hoeverre vorderingen die voortvloeien uit reeds bestaande rechtsverhoudingen na faillissement ter verificatie ingediend kunnen worden, (2) of dit leidt tot een wenselijke uitkomst, en (3) in hoeverre hiermee tegemoet wordt gekomen aan de in de literatuur geuite kritiek op Koot Beheer/Tideman q.q.

  • Auteursinformatie

    Mr. D.D. Nijkamp

    Mr. D.D. Nijkamp is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

    Mr. M.C.J. Jonckers

    Mr. M.C.J. Jonckers is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

De scheidslijn tussen hoofd- en schadestaatprocedure in 7:611-zaken

Een analyse van het bijzondere procedureverloop leidend tot Autoster/Hendriks II

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden schadestaatprocedure, bindende eindbeslissing, werkgeversaansprakelijkheid, verzekeringsplicht, art. 7:611 BW
Auteurs Mr. P.E. Bloemendal
  • Samenvatting

      Het bijzondere procedureverloop leidend tot Autoster/Hendriks II geeft aanleiding tot een nadere beschouwing van de scheidslijn tussen de hoofd- en schadestaatprocedure in zaken over de 7:611-verzekeringsplicht. Geconcludeerd wordt dat in de hoofdprocedure niet alleen de aansprakelijkheidsgrond, maar steeds ook ten minste een deel van de causaliteit zou moeten worden beoordeeld.

  • Auteursinformatie

    Mr. P.E. Bloemendal

    Mr. P.E. Bloemendal is advocaat bij Dirkzwager legal & tax te Arnhem.

Tijdschrift Contracteren
Over de grens

Het recht van verhaal van de eindverkoper: in Duitsland, in Nederland en in de toekomst

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2018
Trefwoorden consumentenkoop, recht van verhaal, beknelde eindverkoper, regresrecht, voorschakel
Auteurs Mr. T.J.K. van Santen
  • Samenvatting

      Het recht van verhaal is in Nederland geregeld in artikel 7:25 BW en beoogt de beknelde eindverkoper te beschermen. Wanneer een consumentkoper zijn rechten jegens de eindverkoper heeft uitgeoefend, moet hij verhaal kunnen nemen op zijn voorschakel zodat hij niet met de aansprakelijkheid ‘blijft zitten’. De regeling beoogt dat de voor het gebrek verantwoordelijke partij uiteindelijk aansprakelijk is. Duitsland heeft op 1 januari 2018 enkele aanpassingen in het BGB doorgevoerd en ook het recht van verhaal aangepast.
      Door de aanstaande invoering van twee nieuwe richtlijnen zullen de rechten van de consumentkoper aanzienlijk worden versterkt. Ook deze richtlijnen voorzien in een recht van verhaal voor de eindverkoper. De nieuwe regeling is gelijk aan de huidige Europese regeling, die aan duidelijkheid te wensen overlaat. Hoe de regeling in de praktijk uitpakt, blijft ook in de toekomst ongewis. Het effectiviteitsbeginsel brengt mee dat bij de uitoefening van het recht van verhaal de consumentenrechten ook door de eindverkoper moeten kunnen worden ingeroepen.

  • Auteursinformatie

    Mr. T.J.K. van Santen

    Mr. T.J.K. van Santen is senior jurist Contractueel bij DAS en doet een promotieonderzoek aan de Open Universiteit (promotoren T.H.M. van Wechem en J.G.J. Rinkes) naar het recht van verhaal als bedoeld in artikel 7:25 BW.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Wetenschap

Access_openThird party litigation funding

De voordelen, aandachtspunten en aanbevelingen om risico’s te beheersen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden third party litigation funding, litigation funding, procesfinanciering
Auteurs Mr. dr. A. van der Krans
  • Samenvatting

      Third party litigation funding (TPLF, of procesfinanciering door derden) is de rechtsverhouding waarbij een derde zich tegen een in het vooruitzicht gestelde beloning verplicht om een eiser in een civiele procedure of arbitrage van financiering te voorzien om de kosten van procederen te dekken. TPLF kan de toegang tot de rechter vergroten, de onderhandelingskracht vergroten, een preventief effect hebben en een one-shot player laten transformeren in een repeat player. Een deel van de bezwaren tegen procesfinanciering is ongefundeerd, of overdreven. Omdat procesfinanciers hoge eisen stellen aan de (ver)haalbaarheid, omvang en beperking van risico’s is het onwaarschijnlijk dat TPLF zal leiden tot een claimcultuur. TPLF zorgt wel voor een driepartijenverhouding, die mogelijk voor complicaties kan zorgen. Ook kan TPLF grote consequenties voor de gefinancierde hebben, zeker in een volledig ongereguleerde markt als de Nederlandse. Grotere partijen moeten over het algemeen worden geacht deze consequenties te kunnen overzien en daarop te kunnen anticiperen. Consumenten en kleinere partijen zouden echter meer bescherming behoeven. Een gedragscode kan hierbij behulpzaam zijn en helpen misstanden op voorhand te voorkomen. Als deze handschoen door procesfinanciers in Nederland wordt opgepakt, kan TPLF een nuttige bijdrage leveren aan de borging van de toegang tot het recht.

  • Auteursinformatie

    Mr. dr. A. van der Krans

    Mr. dr. A. (Anatoli) van der Krans is advocaat bij Corona Legal te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Beroepsaansprakelijkheid advocaten: een update

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2018
Trefwoorden advocaat, beroepsaansprakelijkheid, zorgplicht, tegenstrijdig belang, waarschuwingsplicht en onderzoeksplicht
Auteurs Mr. E.M. van Orsouw en Mr. L.A. Godwaldt
  • Samenvatting

      De inhoud van de zorgplicht van de advocaat wordt mettertijd nader ingevuld door arresten van de Hoge Raad. Eind 2017 heeft de Hoge Raad wederom twee arresten gewezen over deze zorgplicht. Naar aanleiding van deze arresten maken auteurs enkele beschouwende opmerkingen over de onderzoeks- en waarschuwingsplicht (ook buiten de aan de advocaat verstrekte opdracht) en over de vraag wanneer sprake kan zijn van een (dreigend) belangenconflict.

  • Auteursinformatie

    Mr. E.M. van Orsouw

    Mr. E.M. van Orsouw is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

    Mr. L.A. Godwaldt

    Mr. L.A. Godwaldt is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Een eerste stap in de implementatie van de herziene Aandeelhoudersrichtlijn

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden aandeelhoudersrechten, beloningsbeleid, transparantie, langetermijnbetrokkenheid, corporate governance
Auteurs Mr. T.C.A. Dijkhuizen
  • Samenvatting

      In deze bijdrage staat het door de wetgever gepubliceerde Voorontwerp ter implementatie van de Aandeelhoudersrichtlijn, alsmede de langetermijnbetrokkenheid van aandeelhouders centraal. De auteur besteedt hierbij ook aandacht aan enige consultatiereacties van diverse Nederlandse stakeholders.

  • Auteursinformatie

    Mr. T.C.A. Dijkhuizen

    Mr. T.C.A. Dijkhuizen is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en als promovendus verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht en het Hazelhoff Centre for Financial Law van Universiteit Leiden.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Praktijk

De betekenis van decharge voor stichtingbestuurders en -toezichthouders

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2018
Trefwoorden decharge, stichting, raad van bestuur/stichtingbestuurders, raad van toezicht/toezichthouders, tegenstrijdig belang
Auteurs Mr. M. de Jong
  • Samenvatting

      Dit artikel neemt decharge van stichtingbestuurders en -toezichthouders onder de loep. Allereerst komt decharge bij vennootschappen (NV en BV) en de betekenis daarvan aan de orde. Daarna volgt een uiteenzetting van de wijze waarop stichtingen in de praktijk (kunnen) omgaan met decharge en de betekenis die daaraan kan worden toegekend. Afgesloten wordt met enkele suggesties over hoe de praktijk kan omgaan met decharge van stichtingbestuurders en -toezichthouders. Ik kom tot de conclusie dat voor stichtingen een wettelijke bepaling zoals voor de NV en BV in combinatie met (statutaire) modelregelingen tekort zal schieten. Het verdient mijns inziens aanbeveling om een algemene wettelijke bepaling over decharge op te nemen in het algemeen deel van Boek 2 BW.

  • Auteursinformatie

    Mr. M. de Jong

    Mr. M. de Jong is advocaat bij AKD te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Invulling van de norm waaraan een redelijk handelend en redelijk bekwaam notaris moet voldoen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2018
Trefwoorden beroepsaansprakelijkheid, notaris, zorgplichten, bewijs
Auteurs Mr. H.J. Delhaas en Mr. L.C. Dufour
  • Samenvatting

      De norm waaraan een redelijk handelend en redelijk bekwaam notaris moet voldoen, wordt aan de hand van vijf zorgverplichtingen besproken: de onderzoeksplicht, de wilscontrole, de informatieplicht, de bijzondere waarschuwingsplicht en de zorgplicht ten opzichte van derden. Hoe worden deze normen in de rechtspraak toegepast?

  • Auteursinformatie

    Mr. H.J. Delhaas

    Mr. H.J. Delhaas is advocaat bij WIJ advocaten te Amsterdam.

    Mr. L.C. Dufour

    Mr. L.C. Dufour is advocaat bij WIJ advocaten te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Art. 2:11 BW, doorgeefluik van bestuurdersaansprakelijkheid. Hoe diep kan een bestuurder vallen?

Bespreking van het proefschrift van mr. C.E.J.M. Hanegraaf

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden art. 2:11 BW, doorbraak, normatieve reikwijdte 2:11 BW, personele reikwijdte 2:11 BW, eerste- en tweedegraads bestuurder
Auteurs Mr. R.J. Laméris en Mr. S.C.M. van Thiel
  • Samenvatting

      Het proefschrift van Hanegraaf gaat over art. 2:11 BW, dat bepaalt dat de aansprakelijkheid van een rechtspersoon als bestuurder van een andere rechtspersoon tevens hoofdelijk rust op ieder die ten tijde van het ontstaan van de aansprakelijkheid van de rechtspersoon daarvan bestuurder is. In deze bijdrage wordt het proefschrift besproken en van commentaar voorzien.

  • Auteursinformatie

    Mr. R.J. Laméris

    Mr. R.J. Laméris is advocaat bij Evers Soerjatin te Amsterdam.

    Mr. S.C.M. van Thiel

    Mr. S.C.M. van Thiel is advocaat bij Evers Soerjatin te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Bestuurdersaansprakelijkheid en corporate governance

Hebben bestuurders wat te vrezen als ze de Corporate Governance Code schenden?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2017
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, Corporate Governance Code, corporate governance, bestuurder, commissaris
Auteurs Mr. drs. R.T.L. Vaessen
  • Samenvatting

      Afgelopen jaar was er veel aandacht voor de nieuwe Corporate Governance Code. De Code kent veel bepalingen die het handelen van bestuurders en commissarissen normeren. Dit artikel behandelt de vraag of bestuurders en commissarissen op dit moment vaak aansprakelijk worden gesteld vanwege schending van de Corporate Governance Code, en of zij in dat geval in rechte wat te vrezen hebben.

  • Auteursinformatie

    Mr. drs. R.T.L. Vaessen

    Mr. drs. R.T.L. Vaessen is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

De zorgplicht van beroepsbeoefenaren jegens derden en de invloed van gebruiksbedingen en exoneraties in rapportages

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2017
Trefwoorden beroepsaansprakelijkheid, zorgplicht, derden, accountant, makelaar
Auteurs Mr. P.H. Kramer
  • Samenvatting

      Aan de hand van twee arresten van de Hoge Raad wordt stilgestaan bij de zorgplicht die op een beroepsbeoefenaar bij het opstellen van een rapport voor een cliënt jegens derden kan rusten en de manier waarop de beroepsbeoefenaar met die zorgplicht kan omgaan.

  • Auteursinformatie

    Mr. P.H. Kramer

    Mr. P.H. Kramer is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Tijdschrift Contracteren
Praktijk

Update jurisprudentie agentuurovereenkomsten 2015-2017

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Agentuur, Klantenvergoeding, beëindiging agentuurrelatie, artikel 7:428 BW, Provisie
Auteurs Mr. drs. H.S. Kleinjan
  • Samenvatting

      In dit artikel wordt de in de periode 1 januari 2015 tot en met 22 mei 2017 gewezen jurisprudentie over agentuurovereenkomsten besproken. Een breed scala aan onderwerpen met betrekking tot agentuurovereenkomsten passeerde de revue de afgelopen twee jaar bij de rechtbanken, de gerechtshoven en het HvJ EU. Gemeenschappelijke noemer was dat vrijwel alle besproken uitspraken verband hielden met de beëindiging van de agentuurovereenkomsten. Een algemeen beeld dat naar voren komt, is dat de agent nog altijd veel bescherming wordt geboden.

  • Auteursinformatie

    Mr. drs. H.S. Kleinjan

    Mr. drs. H.S. Kleinjan is advocaat bij Lexence N.V.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Praktijk

Onttrekkingen door aandeelhouders en de (niet benijdenswaardige) rol van het bestuur

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2017
Trefwoorden uitkeringen, bestuur, vennootschappelijk belang, bestuurdersaansprakelijkheid, art. 2:216 lid 2 BW
Auteurs Mr. R. Fluit
  • Samenvatting

      In deze bijdrage geeft de auteur een overzicht van de grenzen die de wet en jurisprudentie thans stellen aan uitkeringen bij een bv. De nadruk ligt op de rol van het bestuur en meer in het bijzonder op de reikwijdte van zijn bevoegdheid om goedkeuring aan uitkeringen te weigeren. Indien het bestuur geen ruimte ziet om op basis van art. 2:216 lid 2 BW zijn goedkeuring te weigeren, maar het bestuur overigens wel van mening is dat door de uitkering het vennootschappelijk belang onevenredig wordt geschaad, welke middelen staan het dan ten dienste om de vennootschap te beschermen tegen deze uitkering.

  • Auteursinformatie

    Mr. R. Fluit

    Mr. R. Fluit is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Nieuwe piketpalen bij aansprakelijkheidsvorderingen tegen indirecte bestuurders via art. 2:11 BW

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden art. 2:11 BW, indirecte bestuurder, ernstig verwijt, bestuurdersaansprakelijkheid, disculpatie
Auteurs Mr. Y.A. Wehrmeijer en Mr. J.P.W.M. van Heijningen
  • Samenvatting

      De Hoge Raad slaat nieuwe piketpalen. In het geval van externe bestuurdersaansprakelijkheid van de rechtspersoon-bestuurder is de indirecte bestuurder hoofdelijk aansprakelijk via art. 2:11 BW. Een persoonlijk ernstig verwijt van de indirecte bestuurder is daarvoor niet nodig. De indirecte bestuurder kan zich wel beroepen op een disculpatiegrond, waarvoor hij de stelplicht en bewijslast draagt.

  • Auteursinformatie

    Mr. Y.A. Wehrmeijer

    Mr. Y.A. Wehrmeijer en mr. J.P.W.M. van Heijningen zijn advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam, werkzaam in de praktijkgroep Corporate & Commercial Litigation.

    Mr. J.P.W.M. van Heijningen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

Samenloop bij gemengde overeenkomsten

Enige gedachten over de toepassing van art. 6:215 BW naar aanleiding van HR 10 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:405, RvdW 2017/342

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden samenloop, benoemde overeenkomsten, uitleg, verbintenis, rechtsgevolgen
Auteurs Mr. dr. P.S. Bakker
  • Samenvatting

      Over de in art. 6:215 BW geregelde samenloop van rechtsregels bij gemengde overeenkomsten wees de Hoge Raad onlangs een belangwekkend arrest (HR 10 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:405, RvdW 2017/342), dat meer duidelijkheid biedt over de wijze waarop art. 6:215 BW moet worden toegepast. Dit arrest staat in deze bijdrage centraal.

  • Auteursinformatie

    Mr. dr. P.S. Bakker

    Mr. dr. P.S. Bakker is advocaat bij Spigt Dutch Caribbean en verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Casus

De Governancecode Zorg 2017

Wondermiddel, doekje voor het bloeden of een geschikt instrument?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Governancecode Zorg 2017, Corporate Governancecode 2016, Zorgbrede Governancecode, Corporate governance, Zorg
Auteurs Prof. mr. W.J. Oostwouder en Mr. F.L. Leijdesdorff
  • Samenvatting

      Op 15 december 2016 is de Governancecode Zorg 2017 aangeboden aan de cliëntenorganisaties binnen de zorg. De auteurs van dit artikel houden deze Code tegen het licht en vergelijken deze met de Zorgbrede Governancecode 2010 en de Corporate Governancecode 2016. Voorts beantwoorden zij de volgende vragen: (a) draagt de Code op een adequate wijze bij aan de vier speerpunten van het beleid van de minister van VWS; (b) hoe vernieuwend is de Code; (c) wat moet er in de bestuurskamer en de kamer van de raad van toezicht veranderen; en (d) vergroot de Code het aansprakelijkheidsrisico voor bestuurders en leden van de raad van toezicht?

  • Auteursinformatie

    Prof. mr. W.J. Oostwouder

    Prof. mr. W.J. Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel Recht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Loyens & Loeff en lid van het Zorgteam van dit kantoor en directeur/eigenaar van Meer Kennis, Juridische en Governance Opleidingen te Hoofddorp.

    Mr. F.L. Leijdesdorff

    Mr. F.L. Leijdesdorff is advocaat partner bij het Zorgteam van Loyens & Loeff.

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht
Artikel

Het recht van de legitimaris op informatie over de periode voor het overlijden van de erflater

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2017
Trefwoorden legitimaris, erfgenaam, legitieme portie, inkorting
Auteurs Mr. F.W. Brans en Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers
  • Samenvatting

      In dit artikel onderzoeken de auteurs of en in hoeverre de legitimaris belang heeft bij en recht heeft op inzage in de financiële situatie (waaronder bankafschriften) van de erflater over de periode vóór het overlijden van de erflater. Tevens wordt onderzocht of er daarbij verschil bestaat tussen het belang bij en recht op informatie voor de legitimaris-niet-erfgenaam bij het doen van een beroep op de legitieme portie en de inkorting en dat van de legitimaris-erfgenaam. Ten slotte onderzoeken de auteurs of de wet beschikt over sanctiemiddelen wanneer het recht op informatie van de legitimaris wordt geschonden en in hoeverre de bescherming van de legitimaris-niet-erfgenaam zich verhoudt tot de bescherming van de legitimaris-erfgenaam.

  • Auteursinformatie

    Mr. F.W. Brans

    Mr. F.W. Brans is senior jurist bij AD Advocaten te Amsterdam.

    Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers

    Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers is advocaat bij AD Advocaten te Amsterdam.

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht
Artikel

De relativiteit van wettelijke normen en de toepassing van de vereisten van causaliteit, relativiteit en toerekening bij de onrechtmatige overheidsdaad

Bespreking van de proefschriften van mr. P.W. den Hollander en mr. L. Di Bella

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2017
Trefwoorden relativiteitsvereiste, correctie Langemeijer, causaliteit, toerekening naar verkeersopvattingen, onrechtmatige overheidsdaad
Auteurs Mr. R. Meijer
  • Samenvatting

      In deze (dubbel)recensie worden de proefschriften besproken van Di Bella (De toepassing van de vereisten van causaliteit, relativiteit en toerekening bij de onrechtmatige overheidsdaad) en Den Hollander (De relativiteit van wettelijke normen). Hoewel de auteur het niet op alle onderdelen eens is met de bevindingen, is hij van oordeel dat beide proefschriften het debat over relativiteit en, in het geval van Di Bella, overheidsaansprakelijkheid, onmiskenbaar verder hebben gebracht.

  • Auteursinformatie

    Mr. R. Meijer

    Mr. R. Meijer is advocaat bij ZIPPRO MEIJER CITTEUR te Amsterdam.

Tijdschrift Onderneming en Financiering
Praktijk

Een verkenning van het fenomeen ‘reliance’ verstrekken in de overname- en financieringspraktijk

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2016
Trefwoorden reliance letter, due diligence-rapport, zorgplicht
Auteurs Mr. K.J. Koops en Mr. H.K. Schrama
  • Samenvatting

      De auteurs duiden in dit artikel de situatie waarin een advocaat een derde door middel van een ‘reliance letter’ laat afgaan op zijn due diligence-rapport. Zij gaan daarbij in op de vraag of in die situatie een zorgplicht van de advocaat tegenover de derde ontstaat en wat de omvang van die zorgplicht is. De auteurs zien goede redenen om aan te nemen dat de advocaat en de derde op basis van de reliance letter een overeenkomst aangaan, maar achten onaannemelijk dat een (eigen) zorgplicht van de advocaat tegenover de derde ontstaat.

  • Auteursinformatie

    Mr. K.J. Koops

    Mr. K.J. Koops is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

    Mr. H.K. Schrama

    Mr. H.K. Schrama is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade
Jurisprudentie

Google, Facebook & Instagram: internetonderzoek door verzekeraars

Rb. Den Haag 25 mei 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:5695

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2016
Trefwoorden fraude, feitenonderzoek, social media
Auteurs Mr. M. Verheijden
  • Auteursinformatie

    Mr. M. Verheijden

    Mr. M. Verheijden is advocaat bij Van Traa Advocaten te Rotterdam.

Toont 1 - 20 van 127 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7